Verduurzamen Uitkomstgerichte zorg

Hoe zorgen we ervoor dat uitkomstinformatie structureel wordt gebruikt om de kwaliteit van zorg te verbeteren? Deze vraag stond centraal in het project Verduurzamen Uitkomstgerichte Zorg. In oktober 2026 zijn de eindrapporten van de tweede fase van het project beschikbaar gekomen. De resultaten bieden wetenschappelijke verenigingen concrete handvatten om uitkomstinformatie duurzaam te verankeren in hun kwaliteitsbeleid.

Om uitkomstinformatie daadwerkelijk onderdeel te maken van de dagelijkse zorg, is samenwerking op verschillende niveaus nodig: landelijk, binnen ziekenhuizen en in de spreekkamer. In de praktijk wordt uitkomstinformatie nog niet optimaal ingezet binnen het kwaliteitsbeleid. Wetenschappelijke verenigingen hebben een belangrijke rol om die samenwerking te stimuleren door uitkomstinformatie als verbindende factor in te zetten in het kwaliteitsbeleid.

Het project Verduurzamen Uitkomstgerichte Zorg is gefinancierd door ZonMw en uitgevoerd in samenwerking met de Nederlandse Internisten Vereniging (NIV), Nederlandse Orthopaedische Vereniging (NOV), Nederlandse Vereniging voor Heelkunde (NVvH) en Patiëntenfederatie Nederland. 

Onze aanpak 

In de eerste fase (deel A) zijn showcases uitgewerkt voor chronische nierschade, knieartrose en dikkedarmkanker: drie aandoeningen waarbij al veel ervaring is opgedaan met uitkomstgerichte zorg. In de tweede fase (deel B) is voortgebouwd op de inzichten uit deze deelprojecten. Elk deelproject werd gekoppeld aan twee andere specialismen of kwaliteitsregistraties: één die inhoudelijk nauw aansloot en één die verder van het oorspronkelijke deelproject af stond. Zo is onderzocht hoe uitkomstinformatie ook bij andere aandoeningen en patiëntgroepen beter kan worden benut.

Het Kennisinstituut van de Federatie Medisch Specialisten leidde het overkoepelende project en organiseerde twee themasessies die aansloten bij de behoeften vanuit de deelprojecten. De lessen en inzichten uit de deelprojecten zijn verzameld en geanalyseerd, aangevuld met verdiepende interviews en aanvullende input uit de themasessies. Op basis hiervan ontwikkelde het Kennisinstituut een eindrapport waarmee wetenschappelijke verenigingen de instrumenten en onderlinge samenhang van hun kwaliteitscyclus in kaart kunnen brengen en verbeteren met behulp van uitkomstinformatie. 

Resultaat 

In oktober 2026 zijn de eindrapporten van deel B opgeleverd. Het overkoepelende eindrapport Uitkomstinformatie binnen de kwaliteitscyclus biedt wetenschappelijke verenigingen een praktisch kader om uitkomstinformatie structureel te benutten voor kwaliteitsverbetering.

Het rapport bevat onder andere een theoretisch kader, een methode om de eigen kwaliteitscyclus te analyseren en een stappenplan met verschillende instapniveaus. Hiermee kunnen wetenschappelijke verenigingen aansluiten bij hun bestaande situatie en gericht werken aan verdere verbetering. Daarnaast biedt het rapport verdieping op drie onderwerpen: het meenemen van conservatieve zorg in kwaliteitsregistraties, het koppelen van gegevens uit verschillende registraties en het organiseren van spiegelsessies.

Een belangrijke les is dat het verzamelen van uitkomstinformatie op zichzelf niet voldoende is. De meerwaarde ontstaat wanneer deze informatie daadwerkelijk wordt gebruikt om de zorg te evalueren, verbeteringen door te voeren en samen met patiënten passende behandelkeuzes te maken. Om het belang van kwaliteitsregistraties en het gebruik van uitkomstinformatie onder de aandacht te brengen, is ook een animatie ontwikkeld voor professionals in het veld.

Als vervolg op dit project wordt een SKMS-aanvraag voorbereid om met meer wetenschappelijke verenigingen concrete stappen te zetten in het verbeteren van de zorg op basis van uitkomstinformatie. 

Bekijk de resultaten

Deel B (2026)

Deel A (2024)