'Het draait allemaal om de opleiding'

Dossier Europese dokter

De aanpak van de coronapandemie, maar ook behandelingen waarvoor patiënten de grens over gaan: de zorg wordt steeds internationaler. Daarvan hoef je chirurg Huib Cense niet te overtuigen. Hij vertegenwoordigt Nederland in de Council van de UEMS, de Union Européenne des Médecins Spécialistes. 

Als je iets wilt bereiken in de zorg draait het allemaal om de opleiding, stelt Cense. Dáár wordt de norm gesteld, daar kun je samen aan een hoger zorgniveau werken. De UEMS richt zich daarom vooral op harmonisatie van de medische opleidingen en de beroepsuitoefening in Europa. 
 

Heeft dat streven naar een gelijk niveau ook voor- delen voor Nederland? ‘In het algemeen brengen de West-Europese landen iets meer en komen de Oost-Europese landen wat meer halen’, erkent Cense. ‘Maar we kunnen allemaal van elkaar leren. En het is voor ons gunstig als je weet dat specialisten uit een aangesloten land op een bepaald niveau een opleiding hebben gevolgd. Voor steeds meer vakken zijn er Europese examens waarmee kennis eenduidig getoetst kan worden. Zo weet je dat iemand uit bijvoorbeeld Oekraïne die hier aan het werk gaat, capaciteiten heeft die aansluiten op onze zorg.’

Wapenfeiten

Een van de recente wapenfeiten waar de vruchten al bijna van te plukken zijn, is de aansluiting van Nederland bij EACME, het Europese systeem voor de erkenning en registratie van nascholings- en congrespunten. ‘Niet alleen praktisch en prettig voor specialisten, het biedt ook een belangrijk strategisch voordeel. Doordat we zijn aangesloten zitten we aan tafel, praten en denken we mee over de eisen die aan nascholing en congressen worden gesteld.’

Een voorbeeld van iets dat Nederland al meepratend inhoudelijk heeft bereikt – met name door toedoen van professor dr. Rijk Gans – noemt Cense ‘aandacht voor competenties en toevertrouwde handelingen in opleidingsplannen’. ‘Competentiegericht opleiden gaat erom dat je niet alleen kijkt naar medische kennis en opleidingsduur maar naar wat iemand daadwerkelijk kan en dát dan erkent. Het niveau van functioneren vinden we in Nederland minstens zo belangrijk als medisch-inhoudelijke kennis en hoe lang je in opleiding bent.’

Verschillen tussen landen in de dagelijkse ziekenhuispraktijk hoeven volgens Cense geen probleem te zijn. ‘Dat een bepaalde behandeling in het ene land door orthopeden wordt gedaan en in een ander land door chirurgen, is niet iets waar wij per se van af willen. Door zulke ontdekkingen leer je van elkaar. Zo geldt de manier waarop in Nederland kno-artsen, kaak- chirurgen en plastisch chirurgen samenwerken in de hoofd-halsoncologie als voorbeeld in Europa.’

Corona

Tot voor kort hadden de Europese instituties nog als beleid om zich weinig met de zorg te bemoeien. Vooral door corona is dat veranderd, maar ook andere factoren zoals de wachttijden en de concentratie van specialistische behandelingen op één plek zorgen ervoor dat de zorg internationaler wordt. Cense heeft om die reden samen met de Federatie Medisch Specialisten een halfjaarlijks Netwerk Europa ingesteld: voorafgaand aan de Brusselse vergaderronde is er een bijeenkomst voor alle Nederlandse artsen die bij de internationale instituties en Europese vakverenigingen betrokken zijn. ‘Heel inspirerend om daar te zien hoe actief we namens Nederland zijn. Als je vindt dat wij het in Nederland goed voor elkaar hebben, wil je dat dat zo blijft, en liefst ook dat anderen dat overnemen.’

Chirurg Huib Cense is opleider in het Rode Kruis Ziekenhuis in Beverwijk en hoogleraar Health System Innovation in Groningen. Huib vertegenwoordigt Nederland in de Council van de Union Européenne des Médecins
Spécialistes en is voorzitter van de raad van toezicht bij Dutch Institute for Clinical Auditing.

Download het dossier als pdf

Lees de andere artikelen uit dit dossier