Nieuwe richtlijn Chronische posttraumatische anterieure schouderinstabiliteit

Er is een nieuwe richtlijn voor de diagnostiek en behandeling van patiënten die meer dan één keer hun schouder naar voren uit de kom hebben gehad (schouderinstabiliteit).

Bij patiënten die vaker een schouder uit de kom hebben gehad, is sprake van chronische anterieure schouderinstabiliteit. Dit heeft een grote impact op het leven van de patiënt en zorgt voor pijn, functieverlies en verminderde belastbaarheid. Het leidt niet alleen tot beperkingen in werk en sport, maar heeft ook een socio-economische gevolgen. De richtlijn Chronische posttraumatische anterieure schouderinstabiliteit geeft handvatten voor de beste zorg.  

Wat staat erin?

De aanbevelingen in de richtlijn richten zich vooral op de diagnose en behandeling van chronische posttraumatische anterieure schouderinstabiliteit. De belangrijkste aandachtspunten gaan over:

  • Anamnese en aanvullend onderzoek
  • Keuze voor één type beeldvormend onderzoek (MRI of CT)
  • Het meten en evalueren van glenoïdaal en humeraal botverlies
  • Niet-operatieve behandelopties
  • Operatieve behandelopties  
  • Nabehandeling en terugkeer naar dagelijkse activiteit en sport

Samenwerking  

De richtlijn is ontwikkeld op initiatief van de Nederlandse Orthopaedische Verenigingen (NOV) in samenwerking met vertegenwoordigers van chirurgen (NVvH), radiologen (NVvR), sportartsen (VSG), fysiotherapeuten (KNGF) en patiëntenvertegenwoordigers (ReumaZorg Nederland). De richtlijn wordt nu opgenomen in het cluster Bovenste Extremiteiten. Het Kennisinstituut van de Federatie Medisch Specialisten heeft het traject begeleid. Financiering is afkomstig van de Stichting Kwaliteitsgelden Medisch Specialisten (SKMS).  

Bekijk de richtlijn