Blog: De zorg van morgen in het systeem van gisteren?
1 SEPTEMBER 2026
We leven niet in een tijdperk van verandering, maar in een verandering van tijdperken, aldus hoogleraar transitiekunde Jan Rotmans. Meerdere crises tegelijkertijd creëren onrust en chaos. Ook in de zorg voelen we de druk: personeelstekorten, lange wachtlijsten, onacceptabele en hardnekkige gezondheidsverschillen. Dat vraagt om een fundamentele verandering. Passende zorg is een belangrijke bouwsteen om de nodige transformatie vorm te geven: waardegedreven en effectief, met de patiënt, dichtbij als het kan en gericht op gezondheid. Belangrijk is dat passende zorg echt iets anders is dan minder doen. Het gaat om met de patiënt te verkennen welke opties het best aansluiten bij hun waarden en wensen. Dit leidt tot betere kwalitatieve uitkomsten, maar kost ook meer tijd.
Toch blijken juist goede initiatieven vaak lastig structureel financieel te borgen. De betrokken zorgprofessionals willen veranderen, maar het systeem is nog onvoldoende ingericht op deze nieuwe manier van werken. Bijvoorbeeld een regionaal netwerk waarin de huisarts en de cardioloog samenwerken. Een keuzehulp die patiënten helpt om betere beslissingen te nemen. Digitale monitoring waardoor een ziekenhuisbezoek niet meer nodig is. Het zijn allemaal voorbeelden van passende zorg.
Medisch specialisten onderschrijven de ambitie om passende zorg de norm te maken van harte. Maar wie die ambitie serieus neemt, moet ook eerlijk zijn over wat daarvoor nodig is. Dat geldt voor alle partijen: voor medisch specialisten, verpleegkundigen, huisartsen, zorgverzekeraars, ziekenhuizen, het Zorginstituut, de NZa en ook voor de politiek.
Op Prinsjesdag vertaalt de regering de ambities voor ons zorgstelsel naar begrotingen, maar ook naar besparingen op korte termijn. Speciaal gezant passende zorg Jan Kremer waarschuwde er al voor: passende zorg is geen bezuinigingsstrategie. Wie elke verandering eerst beoordeelt op wat zij oplevert, remt precies af wat de zorg toekomstbestendig moet maken: innovatiekracht, regionale samenwerking, samenwerking over de lijnen heen, flexibele bekostiging en het goede gesprek tussen dokter en patiënt in de spreekkamer.
Er wordt gesproken over meer invloed op richtlijnen, meer sturing door het Zorginstituut, een grotere rol voor zorgverzekeraars. Alsof de sleutel ligt in nieuwe instrumenten om het handelen van de arts of verpleegkundige te sturen. Dit is oud denken. Transformatie vraagt een gezamenlijke richting, loslaten van oude patronen en ander gedrag van iedereen. Maar wat we in de praktijk zien, is een grote behoefte aan controle, vasthouden aan gedrag van gisteren en kortetermijnbeleid, waardoor goede initiatieven vastlopen.
Wat hebben we dan wél nodig? Zorgverzekeraars die ruimte geven aan nieuwe vormen van zorg, ook als de opbrengst zich niet morgen laat uitrekenen. Ziekenhuisbesturen die professionals laten vernieuwen. De NZa die ook de bekostiging passend maakt, bijvoorbeeld door netwerkzorg structureel te financieren. Het Zorginstituut dat niet alleen kijkt naar grip op richtlijnen, maar ook naar de professionele ruimte van artsen om samen met patiënten voor de beste zorg te kiezen. En een overheid die de voorwaarden schept om structurele verandering te kunnen realiseren. Die focust op de langere termijn, in plaats van op bezuinigingen voor het komende jaar. Want wie de zorg van morgen wil, kan niet blijven werken in het systeem van gisteren.
Karel Hulsewé
voorzitter Federatie Medisch Specialisten
Deze blog is vandaag gepubliceerd in Medisch Contact