In 2035... - De vergezichten van vier generaties
Wat geeft aankomende, startende en ervaren medisch specialisten houvast als ze hun blik op de toekomst werpen? We nodigen vier generaties uit om tien jaar vooruit te kijken.
Berk Uzunalioglu
Voorzitter De Geneeskundestudent
‘Ik weet dat ik altijd dicht bij de patiënt wil blijven staan’
‘De beste manier om de toekomst te voorspellen is die zelf vorm te geven. Dat houd ik altijd in gedachten. Daarom wil ik als toekomstige dokter niet alleen zorgen voor de patiënten van vandaag, maar ook meebouwen aan de zorg van morgen. Over tien jaar zie ik mezelf werken in een academisch ziekenhuis. Niet alleen aan het bed van de patiënt, maar ook als opleider van toekomstige artsen en als onderzoeker. Vanuit welk specialisme ik dat zal doen, weet ik nog niet precies. De wereld verandert snel. Maatschappelijke en technologische ontwikkelingen beïnvloeden niet alleen de vraag naar zorg, maar ook de inhoud van veel vakgebieden. Ik vind het moeilijk een specialisatie te kiezen, terwijl ik niet weet hoe de toekomst eruit zal zien. Ik weet wel zeker dat ik een praktisch vak zal kiezen. Heelkunde trekt me om die reden, maar ik kan me ook voorstellen om in een specialisme als KNO terecht te komen. Welke kant het ook opgaat, ik weet dat ik altijd dicht bij de patiënt wil blijven staan.
Diezelfde veranderingen die het kiezen moeilijker maken, roepen bij velen ook meer existentiële zorgen op. De vergrijzing, het groeiende personeelstekort en de veranderende zorgvraag zijn als problemen niet zomaar op te lossen. Toch geeft het me rust als ik zelf kan handelen, met mensen om me heen. Als ik in actie kom, krijg ik grip. En daarom probeer ik op mijn eigen manier bij te dragen aan de veranderingen, voornamelijk als voorzitter van De Geneeskundestudent. In die rol help ik mee aan initiatieven die studenten ondersteunen om uit te groeien tot de best mogelijke arts én mag ik meedenken over de vormgeving van de zorg van morgen. De inzet van de studenten met wie ik samenwerk en de betrokkenheid van de artsen die ik onderweg ontmoet, geven me vertrouwen dat de toekomst van de zorg in goede handen is.’
Anne Boswinkel
Aios cardiologie
‘Mijn grote uitdaging is de werkdruk omlaag brengen’
‘In de cardiologie komen al mijn interesses samen: fysiologie, acute zorg, chronische zorg en preventie. Voor mij biedt dit vak dan ook alles, ook de technologische en exacte aspecten waar ik goed in ben. Ik voel me dus op mijn plek, al moet ik toegeven ooit wel te hebben getwijfeld aan een loopbaan als medisch specialist. Ik ben een harde werker en twijfelde of de onevenwichtige balans tussen werk en privé me niet te zwaar zou vallen. Nu ben ik blij met mijn keuze, want in dit vakgebied kan ik veel leren en intensief samenwerken.
Over tien jaar wil ik als cardioloog werken in een middelgroot ziekenhuis: met een vaste plek, laagdrempelige werkverhoudingen, onderling vertrouwen, goede communicatie en voldoende expertise. Ik wil dan nog net zo benaderbaar zijn, en nieuwsgierig: naar patiënten om van hun verhalen te leren, en naar collega’s om te weten hoe het écht met ze gaat. Misschien combineer ik het klinische werk dan met bestuurlijke taken.
Patiëntencontact vind ik erg belangrijk en het leukste van ons vak. In die toekomst zou ik de tijd die ik nu besteed aan administratie graag willen inruilen voor meer patiëntcontact. Ik hoop dan vooral op meer handen aan het bed. Waar wat te winnen valt, is wellicht in het aantal fte’s voor management en ict.
En wie weet vermindert de administratielast door inzet van AI.
Mijn grote uitdaging is de werkdruk omlaag brengen. In ons ziekenhuis in Enschede boekte ik daarin succes als voorzitter van de arts-assistenten vereniging Enschede. De werkweek van 38 uur voor aios werd structureel overschreden, wat volgens de cao niet mag. Sinds juli vorig jaar krijgen we eens in de twee weken een niet-klinische verdiepingsdag. Die kunnen we naar eigen believen invullen. En dat werkt: deze dag geeft lucht, vrijheid, flexibiliteit en meer autonomie. Ik wil me blijven inzetten voor duurzame inzetbaarheid.
Daarnaast zou het een mooi streven zijn om uniformiteit van arbeidsvoorwaarden te krijgen voor aios. Aios switchen tijdens hun opleiding vaak tussen perifere en universitaire ziekenhuizen, waar verschillende contracten gelden. Ik zou het fantastisch vinden als we over tien jaar landelijk terugzien wat nu op microniveau is ingezet.’
Sanne Nijhof
Kinderarts sociale pediatrie en associate professor kindergeneeskunde UMC Utrecht
‘Als wij medisch specialisten niet leren luisteren en die verbinding leggen - wie doet dat dan wel?’
‘Als ik vooruitkijk, daagt dat me uit verder te denken dan mijn eigen vak. Hoewel ik ben opgeleid met enige hiërarchie, zocht ik als arts altijd naar gelijkwaardige samenwerking - nu ook met kinderen en hun ouders. Kindergeneeskunde moet toegroeien naar gepersonaliseerde zorg, interdisciplinair samenwerken en - secundaire - preventie. Steeds meer kinderen groeien op met een chronische aandoening. Ze leven langer dankzij betere behandelingen, maar kampen met onderbelichte gevolgen zoals vermoeidheid, verminderde mentale gezondheid en verhoogd cardiovasculair risico. Dat vraagt om een levensloopbenadering en artsen die voorbij de grenzen van hun eigen vak durven denken en doen.
Elk kind is uniek, elke klacht heeft een eigen verhaal. Standaardoplossingen schieten tekort. Daarom is het essentieel om samen met kind en ouders te zoeken naar wat in hún situatie speelt – en hun waarden en wensen leidend te laten zijn in elk behandeltraject. Over tien jaar wil ik daarin echt verschil hebben gemaakt.
Als medisch specialist wil ik steeds meer waardegedreven werken - ook in lijn met mijn eigen waarden. Dat vraagt energie en reflectie. Als moeder van drie jonge dochters ervaar ik dagelijks hoe uitdagend het is om werk en gezin in balans te houden, maar het houdt me ook scherp op wat écht telt. De zorg voor chronisch zieke kinderen is complex en vraagt om samenwerking met andere disciplines, zoals psychiatrie, psychologie en sociaal werk. Een van mijn drijfveren is preventie hierin een essentiële plek geven: de gevolgen van ziekte verzachten of voorkomen, zodat kinderen hun leven kunnen blijven vormgeven - ondanks, en soms dankzij, hun aandoening. Het zorgmodel dat ik hiermee voor ogen heb, is voor mij de kern van toekomstbestendige zorg - en ook van mijn onderzoekslijn. Ik denk actief na hoe we de volgende generatie zorgprofessionals daarin meenemen. Zo was ik namens de Utrechtse faculteit Geneeskunde betrokken bij de ontwikkeling van het interdisciplinaire masterprogramma Youth Development and Social Change. Vanuit hun eigen vakgebied leren studenten daarin bruggen te slaan tussen wetenschap en praktijk. Als wij niet leren luisteren en die verbinding leggen - tussen medisch en sociaal, tussen kliniek en leefwereld - wie doet dat dan wel?’
Misha Luyer
Chirurg Catharina Ziekenhuis Eindhoven en hoogleraar aan Technische Universiteit Eindhoven
‘Ik ben meer Star Trek: wij trekken als mensen samen op met de techniek en maken zo nieuwe werelden mogelijk’
‘Binnen tien jaar zal ik AI, augmented reality, robotchirurgie en beslisondersteuning op een dagelijkse basis gebruiken, waarbij het net zo gaat als bij autorijden: het worden systemen waarin dit alles samenkomt. Technologische innovatie zie ik ook als bondgenoot, waarbij ik graag de parallel trek met nieuwe auto’s. Het is inmiddels een geaccepteerde gedachte dat technische toepassingen - denk maar aan een rijassistentiesysteem en dataverzameling via het internet - autorijden veiliger, efficiënter en comfortabeler maken. Zonder dat we ons daarvan al te bewust zijn, evolueren dit soort systemen en integreren ze steeds soepeler in ons leven en werk.
Iets soortgelijks geldt in de chirurgie. Patiënt en ziekte blijven hetzelfde en beoordelen moet je als medisch specialist ook in de toekomst zelf doen. Maar alle ballast eromheen kun je uitbesteden, waarbij AI zelf ervaring opbouwt en steeds beter ondersteunt. Dat leidt tot betere zorg en minder fouten. Enorm pluspunt is dat die techniek voor iedereen beschikbaar komt en mij zal helpen een betere dokter te worden.
Ik zie mezelf altijd verantwoordelijk blijven voor mijn keuzes, maar met nieuwe technieken valt voor de gezondheidszorg veel te winnen. AI kan ik daarbij inzetten als beslisondersteunend systeem, als second opinion van een expert zowel in de spreekkamer als op de operatiekamer. Hoe fijn zou het zijn dat bijvoorbeeld ChatGPT het gesprek met de patiënt opneemt en als tekst gestructureerd in het epd zet, en daarbij automatisch de registratie invult en advies geeft conform de huidige richtlijnen? Dat scheelt veel administratie en geeft me meer tijd en aandacht voor mijn patiënten.
Je leest wel theorieën waarin wordt gewaarschuwd voor technieken die het van ons gaan overnemen. Die zogeheten Terminator-gedachten deel ik niet. Ik ben meer Star Trek: wij trekken als mensen samen op met de techniek en maken zo nieuwe werelden mogelijk. Ik zie dus meer voordelen dan nadelen, natuurlijk begeleid door goede regels. Ook denk ik dat we opgeleid moeten worden om nieuwe technologieën goed te kunnen toepassen.
De lessen die ik meegeef als opleider tot chirurg en superspecialist zijn in feite clichés van alle tijden: de toekomst is spannend en nieuw. Wees positief-kritisch op innovaties en zorg dat de kwaliteit van zorg altijd centraal blijft staan. Neem de handschoen op, blijf zoeken naar verbetering en streef naar foutloze behandelingen.’
Download het artikel als pdf
Lees meer artikelen uit het magazine